We weten allemaal wat er uiteindelijk van Willem Holleeder terecht is gekomen, maar eigenlijk was het de bedoeling dat hij wielrenner zou worden. Dat zegt de beroemdste gevangene van Nederland in het nieuwste nummer van het wielertijdschrift De Muur. Daarin reconstrueert auteur Ruurd Edens de wielerloopbaan van Holleeders vader, Willem Holleeder sr. (1927-1990).
De media besteedden veel aandacht aan deze onthulling, zo waren er items over het artikel in Met het oog op morgen en RTL Boulevard en de Volkskrant.
‘Holleeder voedt de jonge Willem streng op, want hij wil van hem een wielrenner maken. Zijn jongen – die weet dat nog heel goed - moet dus gezond eten. ‘Mijn vriendjes kregen witbrood met lekker beleg mee naar school, van die schuin doorgesneden boterhammen. Ik niet, van mijn vader kreeg ik bruin brood met bloedworst. Wat ik at, wat ik deed, alles voor de wielersport.’’
Als lid van de Amsterdamse wielerclub Olympia was Holleeder senior een redelijk goede coureur die in de jaren vijftig van de vorige eeuw zelfs één seizoen met een proflicentie reed.
Via advocaat Jan-Hein Kuijpers legde Edens zijn bevindingen voor aan zoon Willem jr., die in het Huis van Bewaring De Schie in Rotterdam een straf van negen jaar uitzit.
‘Willem Holleeder jr. is van 1958. In dat jaar is de wielercarrière van zijn vader, die is geboren in 1927, al voorbij. Toch ziet hij als jongetje in de jaren zestig regelmatig wielerpelotons van dichtbij. Zijn vader, die op de marketingafdeling van Heineken werkt, rijdt tijdens koersen in een reclamewagen voor de renners uit en neemt hem dan mee. Via zijn advocaat vertelt Holleeder: ‘Pa zette de auto wel eens stil en liet de karavaan passeren. Dan moest ik uitstappen en doen alsof ik ging pissen. Mijn vader wachtte op achterblijvers en schreeuwde dat ze aan de wagen moesten gaan hangen. Dan bracht hij ze zo ver mogelijk terug naar het peloton, de jury merkte er niets van.’’
Holleeder sr. was een club- en generatiegenoot van de befaamde Henk Faanhof, wereldkampioen bij de amateurs en Touretappe-winnaar. ‘In De Schie vertelt Willem junior dat Faanhof de held was van zijn vader. ‘Tijdens een koers stond hij eens zijn fiets af aan Faanhof want die had een lekke band. Pa moest maar zien hoe hij bij de finish kwam maar toen hij hoorde dat Faanhof op zíjn fiets had gewonnen was hij ontzettend trots. Hij had het er vaak over.’
De pogingen om van Willem jr. een wielrenner te maken, verlopen niet vlekkeloos, blijkt uit het verhaal.‘De familie Holleeder heeft geen auto en Willem junior moet tot zijn ergernis overal op de fiets naartoe, weer of geen weer. Ook ziet zijn vader er streng op toe dat hij nooit rookt. ‘Hij heeft me een keer letterlijk aan mijn oren uit een zaak in de Anjelierstraat getrokken, ik was een jaar of twaalf. Ik stond daar te flipperen met een sigaret in mijn mond.’
Na zijn loopbaan werkte Holleeder sr. als chauffeur voor Freddy Heineken. Oud-coureur Ap Donker in het stuk: ‘Heineken was gek op Wimpie.’ In 1983 werden ome Freddy en zijn nieuwe chauffeur door Wimpie en een paar maten ontvoerd en tegen een losgeld van 16 miljoen euro weer vrijgelaten.